Nieuwsberichten met als sleutelwoord: waarde

Jezelf op je nek zitten

We doen het allemaal wel eens; onszelf straffen. Jezelf straffen omdat je iets niet goed deed, niet goed zag of zei. Jezelf straffen is niet handig, niet constructief, en toch doen heel veel mensen het. En we doen het ook nog eens bijna altijd onbewust. Iedereen heeft er zijn eigen voorkeursvorm voor. Een eigen vorm die we makkelijk vergoelijken, waardoor het lijkt alsof je jezelf helemaal niet straft.

Ik deed het gisteren nog. Ik stond in de supermarkt met mijn mandje vol. Ik zag lekkere frambozenjam staan. Hij was nog in de aanbieding ook. En wat deed ik? Ik liet hem staan… “Jij hebt genoeg uitgegeven!” ging er door mijn hoofd. Vijf minuten later stond ik buiten. Zonder jam. Met spijt. In de auto terug naar huis had ik in de gaten wat er aan de hand was. Ik had mijzelf gestraft door mijzelf iets te ontzeggen. Maar waarom? Ik, die zo veel schrijft over verlangen? Ik kon mijzelf niet eens met een potje jam verwennen?

Lees verder

Complimenten aannemen

Als je niet drinkt, droog je uit. Als je het te koud krijgt, onderkoel je. Als je een week niet slaapt, word je psychotisch. En als je tenslotte niet eet, ga je dood. Allemaal zaken die van levensbelang zijn. Net als complimenten. Die zijn ook van levensbelang.

Een compliment is als een lekker stuk chocolade, als een avond dansen, een prachtige zonsondergang, een dag zeilen op zee. Complimenten zijn de benzine, olie en wasbeurt inéén. Het zijn de slingers op het feest van het mens-zijn. Hij of zij die beweert dat ie zonder complimenten kan, wantrouw ik daarom onmiddellijk. Zij staan namelijk in de overlevingsmodus en zijn niet gericht op een gelukkig leven.

Complimenten zijn de slingers op het feest van het mens-zijn

Jij en ik hebben hebben dus complimenten nodig. En niet zomaar complimenten, nee, gemeende complimenten. Complimenten, die ons bevestigen in ons bestaan, in wie we zijn, onze schoonheid, onze liefde voor de ander en onze rijkdom van geest.

Het aannemen van een compliment

En als je dan zo’n gemeend compliment krijgt, hoef je maar één ding te doen en dat is hem aannemen. Dat betekent letterlijk dat je het compliment inademt. En niet meteen roept: “Geen dank”, “Ach, dat valt wel mee” of “Het was maar € 6,95 bij de Hennes”. Dat inademen klinkt wellicht gek. Je denkt misschien, wat heeft dat met aannemen te maken? Aannemen is toch een psychische beweging en niet een fysieke?

Nee, dat is niet zo. In de zeven jaar werken als coach en psychosociaal therapeut is mij namelijk opgevallen dat wanneer iemand een compliment aanneemt, hij inademt. En wanneer iemand een compliment niet aanneemt, dat hij of zij vaak direct iets terug zegt. Dus uitademt. Of zelfs even stopt met ademen. Iemands ademhaling laat zien wat hij psychisch doet.

Ademhaling laat zien wat iemand psychisch doet

Een compliment ontroert en beroert. Dat heeft even tijd nodig. Net als  je voor lekker eten de tijd neemt, moet je dat voor een goed compliment ook doen. Die inademing is dus nodig om een compliment te laten landen. Wellicht haal je hem later op de avond nog eens naar boven. Je glimlacht en voelt je trots.

Stevigheid en zelfvertrouwen

Door complimenten aannemen, groei je als mens. Je krijgt een beter besef van wie je bent, hoe je overkomt op de ander en waar je goed in bent. Je ontwikkelt zelfvertrouwen door complimenten aan te nemen, omdat je daardoor een beter beeld krijgt van wie die zelf is. Sterke mensen zijn niet de mensen die het alleen kunnen. Het zijn de mensen die veel complimenten aannemen, weten dat ze complimenten nodig hebben en geloven dat ze ervan afhankelijk zijn voor een gelukkig leven.

Foto: M88G

Verantwoordelijkheid nemen voor alles

Ik lees een boek met teksten van Gandhi. Dat is bijzonder inspirerend. Ghandi hield niet van halve pogingen of een beetje proberen onder kantoortijden. Tijdens het lezen dacht ik aan een bijzonder gesprek dat ik onlangs had. Daarin nodigde ik iemand uit om verantwoordelijkheid te nemen voor alles dat binnen zijn vermogen lag. Ik stelde hem voor dat hij verantwoordelijkheid zou nemen voor alles wat hij denkt, doet en voelt. “Tjeemig!” zei hij “Dan wordt het leven zwaar!?”

Zwaar? Hoe kwam hij daar nu bij? Maar hij meende het écht.

Lees verder

De ingrediënten van een goede liefdesrelatie

Goede liefde vinden betekent goed zoeken met al je zintuigen, je intuïtie en je verstand. En als je hem of haar gevonden hebt dan begint het poetsen, polijsten en verzorgen en … nog eens poetsen, polijsten en verzorgen.

De liefde is een mooi ding en een groots ding, héél groots. En zoals grote gebouwen een meerjaren onderhoudsplan nodig hebben, heeft de liefde dat ook.

Dit is wat een goede relatie goed maakt en houdt:

Lees verder

Dan is er iets mis met je

Ben je ziek als je hulp vraagt aan een coach, psycholoog of therapeut? Nee. Maar toch ervaren veel mensen dat zo. En daarom vragen ze soms niet om hulp. Dat is niet zo gek, maar wel jammer. Van goede begeleiding word je namelijk gelukkiger.

Tien jaar geleden zei ik: “Als ik een praktijk open dan is dat er niet één met een drempel bij de voordeur, maar met een glijbaan (omdat glijbanen in speeltuinen voorkomen). Coaching en therapie hoort namelijk ook leuk te zijn. Niet leuk als in: laten-we-al-je-moeilijkheden-maar-onder-het-kleed-schuiven’. Maar leuk als in: ontdekken-dat-je-eigen-gras-groener-is-dan-je-dacht en leuk als in samen-speuren-naar-een-oplossing.

Hoe komt dat zo, dat mensen die drempel zien. Is hij er? En hoe komt dat?

Lees verder

Geld

Wat is toch jouw probleem met Geld?’ vroeg een vriend me laatst. ‘Probleem? Ik een probleem? Met Geld? Ik heb heel vaak geen geld. Ook als ik het wel heb. Dus hoe kan ik een probleem hebben met iets dat er niet is?

‘Ontkenningsfase’, zei de ander -Een hulpverlener, dus wat wil je ook- ‘Het feit dat je niets hebt, voortdurend zegt dat je het stom spul vindt, maar daar tegenover uitstekend in staat bent om in korte tijd er een heleboel van te krijgen, maakt dat je er absoluut een probleem mee hebt.’ Hij ging nog even door ‘Je houdt van Geld uitgeven toch?’ Eh… Ja. Dat kon ik niet ontkennen. Lees verder

Belonen

“Als je gedrag beloont, dan krijg je meer van dat gedrag. En als je gedrag straft, dan krijg je minder van dat gedrag.” Dit is misschien wel één van de grootste collectieve overtuigingen die we hebben. In werk wordt dit idee vaak gekoppeld aan een beloning in de vorm van geld. Mensen zouden betere prestaties leveren als ze financieel ruimer beloond worden. Maar is dat wel zo?

  • Zijn wij voorspelbaar?
  • Zijn wij manipuleerbaar met geld of beloning?
  • En gaat dat dan op voor alle soorten taken?
  • En wanneer leveren we nu de meeste inzet en creativiteit?

Lees verder

Jagers en verzamelaars

Als we de antropologen mogen geloven, is de mens de afgelopen eeuwen verworden van jager tot verzamelaar. Niet langer zwerven door de bossen op zoek naar eten maar een huisje met een hek neerzetten en eetbare planten verbouwen zodat je nooit meer hoeft te reizen om een volle buik te krijgen.

Lees verder

Kritiek

Altijd als ik mijn ezine schrijf, presentaties geef, artikelen schrijf op mijn weblog, krijg ik reacties van anderen. In de meeste gevallen zijn die positief. Ik krijg mailtjes van mensen die me schrijven hoe ik hen geïnspireerd heb, die de tips en adviezen daadwerkelijk toepassen in de praktijk en daar veel aan hebben. Daar ben ik altijd blij mee en ik heb er een apart mapje van gemaakt in mijn emailinbox.

Maar het is niet allemaal zo warm. Als je veel schrijft, spreekt, en stelling neemt, krijg je ook kritiek, soms bijtend als zuur in je gezicht.

Een van de controverses die ik vaak oproep, heeft te maken met mijn pleidooi om als ZZP-er de stap te zetten naar een succesvol en winstgevend bedrijf. Eén van de leuke aspecten van ondernemer zijn, is wat mij betreft dat je er rijk mee kunt worden. Steevast is er dan altijd iemand die zegt: “Geld is toch niet belangrijk? Het belangrijkste is toch dat ik doe wat ik leuk vind?” Of: “Rijkdom is toch juist dat je blij bent met de mooie dingen in het leven?” Tja, wat zal ik er eens op zeggen?

Maar wat ik veel erger vind, is kritiek op de manier waarop ik praat en me gedraag. Ik stuntel altijd een beetje, grijns en giebel. Ik laat onzekerheid en twijfel zien. Voor veel mensen is dat niet “zoals het hoort” en ze kunnen het niet rijmen met iemand die succesvol is. Ze sturen me mailtjes waar de haat vanaf druipt.

Als ik presentaties geef, is er achteraf altijd wel iemand die me dringend adviseert “eens een presentatiecursus te volgen”, niet wetende dat ik dit al vijftien jaar deed en nog steeds doe (een uitzonderlijk goede volgde ik laatst bij Lianne Ebbinkhuijsen).

Een vrouw schreef me laatst: “Je praat erg aarzelend en onzeker. Je presentatie is daardoor wat mij betreft niet overtuigend. Ik vind dat je nog een hele slag te maken hebt”.

Dit soort kritiek raakt me hevig! Het is alsof iemand zegt: “Je kunt nog zo je best doen, tonnen per jaar verdienen, maar eigenlijk ben je nog steeds niet oké, ga eerst nog maar eens een slag maken”. Ik voel me belemmerd in mijn groei en mogelijkheden, en dat demotiveert me enorm.

Maar ik ben natuurlijk niet de enige die kritiek krijgt. Waarschijnlijk krijg jij hem ook – het is onlosmakelijk verbonden met het feit dat je je nek uitsteekt en zichtbaar wordt. Ook bestsellerauteur Tim Ferriss krijgt hem, zo blijkt uit een lezing die hij laatst gaf voor The Next Web. Daarin geeft hij kritiekkrijgers echt een hart onder de riem. Een van zijn uitspraken luidt: “Trying to get everyone to like you is a sign of mediocrity.” (Colin Powell) en hij moedigt je aan juist ernaar te zoeken om stom en gek gevonden te worden, om jezelf erin te trainen.

Hier mijn eigen manier om er mee om te gaan:

– Kritiek raakt je het meeste, als je vindt dat de criticus gelijk heeft. Op het moment dat je leert om ook je zwakke plekken te omarmen, zal de kritiek je veel minder raken. Sinds ik veel beter accepteer dat ik een introvert en verlegen iemand kan zijn die veel lacht omdat ze dingen – nou ja – gewoon grappig vindt, trek ik me veel minder aan van deze kritiek, en hem nu zelfs al een hele tijd niet meer gehoord. Voel me nu ook vrij om erover te schrijven, terwijl ik me er eerst diep voor schaamde.

– Veel mensen uiten kritiek omdat ze gewoon boos zijn, teleurgesteld in het leven. Succesvolle mensen geven hun een heel slecht gevoel over zichzelf, en daar maken ze je graag verantwoordelijk voor. Wat je het beste kunt doen, is deze mensen van je lijst halen en zonder schuldgevoel te kiezen voor de mensen die je een goed gevoel geven en blij met je zijn.

– Kritiek kan natuurlijk ook heel waardevol zijn. Bedank er dan voor! Maar als je hem niet waardevol vindt, mag je best feedback teruggeven. Ook al geven mensen je kritiek vanuit de beste bedoelingen en om je echt te helpen, goed feedback geven is een kunst en daar mag je ze op jouw beurt best iets over leren.

– De pijn van de kritiek zwakt af als je je in herinnering roept waarom je je bedrijf ook weer begonnen bent. Als het goed is, is dat een hoger doel: in mijn geval zelfstandigen goed rond te laten komen, terwijl ze doen wat ze het allerliefste willen doen. Dienstbaarheid voor anderen is een oneindige bron van inspiratie, is mijn ervaring. Als je weer met je klanten aan het werk bent, keert je motivatie gauw terug en denk je er niet meer aan. Zoals Ferriss zegt: “Living well is the best revenge.” (George Herbert). De Nederlandse uitspraak “De honden huilen, maar de karavaan trekt verder”, drukt het met m.i. ook heel mooi uit.

Een bijdrage van Laura Babeliowsky, Foto: Jasper Jobse, daken in middelburg, FLICKR

Geven en nemen

Het is leuk om te geven en het is leuk om te krijgen. Soms zeggen mensen, wanneer ze iets geven, dat ze niets terug verwachten. Ik krijg daar altijd een wonderlijk gevoel bij. Alsof de gever iets buiten de deur probeert te houden. Maar wat?

Wanneer mensen elkaar iets geven dan is dat voedend. Als je eten krijgt is dat letterlijk zo, en wanneer je een compliment krijgt is dat voedend voor je zelfvertrouwen. Geven is wat leven mogelijk maakt. De natuur geeft graan, de bakker brood, Google zoekresultaten, de zon warmte en docenten geven kennis en inzicht. Wanneer je iets gekregen hebt is het vreemd die ander vervolgens niets of nooit iets te geven. In zekere zin zou je kunnen zeggen dat dat leven-ontnemend is, alsof je iemand het niet gunt. Dat klopt in de balans ergens niet.

Gevoelens van schuld en onschuld

Wanneer een gever geeft zonder iets terug te verwachten voelt hij zich onschuldig, en dat voelt prettig. Maar ook een gever moet krijgen om in leven te blijven, en kan zich dus niet onschuldig blijven voelen.

Wanneer je iets aanneemt (bijvoorbeeld een cadeau of een compliment) maakt dat je per definitie schuldig. Je profiteert er namelijk van, en hebt er dus baat bij. Nu ligt het in de aard van ons mensen liever onschuldig te zijn, dan schuldig. En dus doen we daar op allerlei manieren onze best voor.

” Jan woont ergens achteraf in een flat. Hij woont daar al 20 jaar. De buurtbewoners zien hem nauwelijks, alleen om zes uur ‘s ochtend en ‘s avonds met zijn hondje. Toen zijn vorige hondje overleed kwam hij weken nauwelijks buiten. Jan heeft een baan in een archief, maar niemand weet precies wat hij daar doet. Visite krijgt hij zelden. Het bestaan van Jan is verdraaid karig en het gaat met veel leegte gepaard, maar het werkt. Hij is veel onschuldig.” 

” Baukje werkt in een zorginstelling voor ouderen. Ze maakt lange dagen en is soms moe, maar daar klaagt ze niet over. Ze staat voor iedereen klaar, dag en nacht. Je kunt op haar bouwen. Wanneer je haar echter een compliment geeft dan lijkt het alsof het niet aankomt en gaat ze snel weer door. Het draait altijd om de ander, niet om haar.”

De mensen waar je zorg voor draagt, zullen je iets terug willen geven

Veel mensen die werken in de zorg hebben iets van Baukje’s leefwijze. Er kleeft echter een groot nadeel aan deze manier van leven. De mensen waar je zorg voor draagt, zullen dankbaar worden en je iets (terug) willen geven. Maar dat was nu juist wat je niet wilde. Wanneer je die dankbaarheid, in welke vorm dan ook, niet aanneemt stel je je ‘relatie-vijandig’ op. Anders gezegd: je stelt het doel, zorgen voor de ander, boven de relatie die je opbouwt. Meestal accepteert diegene voor wie jij zorgde dat uiteindelijk niet en waarschijnlijk word hij of zij een keer boos.

In Azië hebben ze er een eigen spreekwoord voor: “Waarom bent u boos op mij, ik heb u toch niet geholpen?”

Nemen is dus net zo belangrijk als geven. Ze kunnen niet zonder elkaar. Het werkt als de ontvanger iets écht aanneemt en de gever laat weten dat hij het gekregen heeft en wel of niet waardeert. Kortom je staat er beiden bij stil. Pas dan is er een balans die recht doet aan beide bewegingen, geven en nemen.

Altijd een beetje meer als principe

Als geven en nemen in balans zijn dan kan er energie stromen tussen mensen. Als dat het geval is kun je nog een stapje verder gaan. Je kunt iets doen dat het contact voor beide partijen nog voedender maakt. Dat doe je door een heel klein beetje meer te geven dan je gekregen hebt. In het opzicht van overleven is dat leven bevorderend, maar bovenal is het relatie bevorderend. Op deze manier kun je iets opbouwen, en dat is met name erg belangrijk in vriendschaps- en liefdesrelaties.

Hoeveel?

Wil je een beetje meer geven, zul je de ander een beetje moeten kennen

Wat is een beetje meer? Een beetje meer is net zoveel dat het nèt niet meer gelijk is. Dus geen karrenvracht meer, maar een pietsie. Dat kan zitten in tijd, aandacht, geld, eten. Maar ook in iets héél anders. Het doet er niet toe wat het is, als je gevoel maar zegt dat het iets meer is. Het hoeft dus ook niet hetzelfde of eenzelfde vorm te zijn als wat je hebt gekregen. Een fles lekkere wijn en een Frans kaasje meenemen als je bij iemand gaat eten, is daar een goed voorbeeld van.

Wanneer je dit beetje-meer-principe hanteert kom je simpelweg in een opwaartse spiraal, zowel wat je relatie betreft als wat betreft eten, tijd, geld, aandacht, spullen, energie, liefde, noem maar op.

Elkaars behoefte kennen

Een beetje-meer is subjectief. Wat voor jou goed of meer is, kan voor de ander iets heel anders betekenen. Wil je dus een beetje meer geven, dan zul je de ander een beetje moeten kennen. Je zult je moeten verdiepen in iemand en uitvinden wat iemand kan waarderen.

Het heen en weer geven van waardering, is het uitwisselen van liefde. Dat moet simpelweg blijven stromen. Of metaforisch gezegd, als je elkaar steeds een beetje meer eten geeft dan komt het goed, geef je elkaar steeds een beetje minder dan houd het uiteindelijk op. Daartussen kiezen is niet zo moeilijk.

Hoe kijk jij tegen geven en nemen aan? Wat zijn je ervaringen? Laat een reactie achter.

Een bijdrage van Jasper Jobse Foto: Fe Ilya Flickr

Wie kost er energie en van wie krijg je energie?

Soms is het goed de mensen met wie je omgaat zo af en toe eens onder de loep te nemen. Mensen om je heen bepalen namelijk voor een behoorlijk deel je energieniveau. Dat doen ze niet bewust en jij doet dat ook niet bewust, maar het gebeurt wel.

Van de ene persoon krijg je energie, en de andere persoon kost energie. Bij de één voel je je fitter na afloop, bij de ander ben je bekaf. De één is een motortje voor je de ander een putje. Daar is niets mis mee. En het gebeurt. Dus daar mag je je best bewust van te zijn. Doe je er niets mee en omring je je met mensen die je veel energie kosten (zoals een vervelende baan met dito collega’s), dan loop je op termijn zelfs kans op een burn-out of overspannenheid.

Of je energie krijgt in contact met iemand hangt van het soort contact af dat je hebt met iemand. Grofweg zou je kunnen zeggen dat er vijf pijlers in het contact met mensen zijn:

Verbaal

Hoe praat je met de ander? Ontwikkel je samen ‘taal’? Ontstaan er woorden/zinnen die veel betekenis hebben? Voelt het prettig om je verbaal naar elkaar te uiten? Durft de ander ook echt aanwezig te zijn in een gesprek? Durf je complimenten te geven? Kun je complimenten echt aannemen? Krijg je de ruimte om jezelf te uiten? Kortom: met elkaar een goed gesprek kunnen hebben, dingen durven benoemen, en dat van elkaar kunnen waarderen.

– Goed verbaal contact zorgt ervoor dat je je begrepen voelt.

Non-Verbaal

Durf je de ander aan te raken? Hoe groet je de ander (vooral verbaal of ook non-verbaal)? Durf je te spelen met elkaar? Een aai over elkaars bol, knuffelen, duwen, tikken, hand op elkaars schouder? Voelt het prettig? Ontstaan er rituelen om dit non-verbale heen? Juist door de non-verbale communicatie krijg je een sterke emotionele binding met elkaar. Het versterkt relaties zowel zakelijk als vriendschappelijk. Als je elkaar goed aanvoelt op non-verbaal niveau en weet wat er kan, voelt het goed.

– Goed non-verbaal contact zorgt ervoor dat je je veilig kunt voelen.

Integriteit

Handel en uit je, naar wat je denkt, voelt of wilt? Of houd je je in? Jezelf inhouden kost bijna altijd meer energie dan je uiten. Je kunt je bijvoorbeeld afvragen of je je laat leiden door maatschappelijke beperkingen. Of mogen gedachten komen en gaan zoals ze zich in het contact vormen? Wat in contact heel prettig is, is dat je niet steeds hoeft te raden wat de ander wil of vindt.

– Integer contact zorgt dat je je vertrouwd voelt.

Achtergrond en karakter

Elkaar leren kennen als er oprechte interesse voor elkaar is, is erg leuk. Heeft iemand een natuurlijk verlangen tot rust of juist tot gezelligheid? Denkt iemand: problemen-moeten-er-zijn of denkt iemand aanpakken-en-oplossen? Er zijn veel verschillen in hoe mensen denken, zijn opgegroeid en zich hebben ontwikkeld. Dat van elkaar weten creëert begrip. Is iemand bijvoorbeeld opgegroeid in een ontwricht gezin? Was het thuis competitief? Of draaide het juist om samenwerken? Was je alleen of had je broertjes en zusjes? Heb je veel tijd alleen doorgebracht of waren je ouders er veel om je te vertroetelen? Het heeft bepaald wie je bent geworden.

– Veel van elkaar weten zorgt ervoor dat je je met je achtergrond geaccepteerd kunt voelen.

Balans

In contact zijn er verschillende balansen. Zoals die van geven en nemen, doen en laten, uitnodigen en uitgenodigd worden, trakteren en getrakteerd worden. Zo is het bijvoorbeeld prettig als er weinig mismatch is in de behoefte aan contactfrequentie. Je kunt soms weken intensief met elkaar contact hebben en elkaar ook zo weer een week niet spreken/zien. Is het dan ok als je elkaar weer ziet, ook al zat er een ‘gat’ in jullie contact? Dat gaat op voor fysiek contact, maar ook voor sms, msn, twitter en e-mail. Makkelijk veel bij elkaar kunnen zijn, maar ook zonder elkaar kunnen (hoewel je elkaar dan natuurlijk best kan missen) is geweldig. Het zorgt ervoor dat je je geen zorgen hoeft te maken over aandacht en tijd aan iemand geven.

– Een goede balans zorgt ervoor dat je het contact als ongedwongen ervaart.

Kortom

Fijn contact gaat over jezelf zijn en de ander zien voor wie hij is. Elkaar ruimte geven, maar ook naast iemand kunnen staan. Luisteren en ook kunnen confronteren, na het luisteren. Maar ook fouten kunnen toegeven en excuses kunnen geven en aanvaarden. Goed contact gaat niet om perfectie, maar om waardering en balans. Dit soort contacten geven energie. Aan beide kanten. Het is een 1 + 1 = 3 situatie.

  • Kun je voldoende jezelf zijn?
  • Wil je elkaars taal spreken?
  • Mag je van elkaar leren?
  • Kun je elkaar vertrouwen?
  • Kun je samen plezier hebben?
  • Mag je elkaar aanraken?
  • Kan het ook wel eens stil zijn?
  • Wordt er naar je geluisterd?
  • Is het ook goed als je even niets van je laat horen?
  • Mag je wel eens iets fout doen? En mag je het daarna rechtzetten?

Welke drie of vier van de bovenstaande zaken zijn nu echt belangrijk voor je? Kom je bijvoorbeeld tot de conclusie dat je: ongedwongen contact met mensen wilt hebben, waar je je vertrouwd, begrepen, veilig en geaccepteerd voelt? Met als randvoorwaarde dat je in dat contact rustig kan worden of juist energie kan krijgen?  En wil je je geborgen voelen, of nu juist uitgedaagd?

Ernaar handelen

Wanneer je weet wat belangrijk voor je is, kun je ernaar gaan handelen. Je kunt gaan kijken wie energie kost en wie energie geeft.

Pak twee A4’tjes en een pen.

Stap 1:
Maak twee kolommen: links schrijf je de namen van personen van wie je energie krijgt (de motortjes). Rechts zet je de mensen die energie kosten (de putjes). Denk aan je werk, sport, je familie, vrienden, buren, studie, een cursus die je doet enz. enz. Sorteer op je gevoel. Je gevoel is veel betrouwbaarder dan je hoofd.

(Schrik niet als je geliefde in de rechter kolom beland. Vroeger of later was je daar toch wel achter gekomen, en wellicht is het nu nog niet te laat voor een goed gesprek).

Stap 2:
Maak op het andere A4’tje drie kolommen:
1e kolom: Meer gaan zien:
2e kolom: Minder gaan zien:
3e kolom: Helemaal niet meer zien:

Wanneer je klaar bent… dan scheur je de laatste kolom van je papiertje af (als het goed is lucht dat al op), en stop je hem in de prullenbak.

Als je dit gedaan hebt hoef je nu NIETS meer te doen. Mijn ervaring is dat als mensen voldoende duidelijk hebben wat werkt en wat niet werkt, dat ze daarna niet meer op de oude voet verder kunnen. Dus observeer jezelf de komende weken maar eens. En kijk wie je meer opzoekt en bij wie je (bij wijze van spreken) de telefoon niet meer opneemt.

En dan als laatste nog even dit. Stond er een (schoon)moeder/vader, broer of zus in kolom drie? Schrijf deze alsnog bij kolom twee.  Je zult het er namelijk mee moeten doen. Of je wilt of niet. Bedenk je maar dat ze jou of die leuke vriend of vriendin van je op de wereld hebben gezet. Dat hebben ze niet onverdienstelijk gedaan. Anders was jij en je partner er nu niet.

Een bijdrage van Jasper Jobse en co-auteur Abdul-Rahman Advany van Social Imagineers. Met dank aan Martijn Aslander voor de ‘putjes en motortjes’ metafoor. Foto: stavos

Geldproblemen los je niet met geld op

Je kent vast wel iemand die vaak net te weinig geld heeft, hij of zij krijgt het rond maar daar houdt het dan ook mee op. Of wellicht zat je zelf eens in zo’n situatie of zit je er nu in.

Toen ik eens in zo’n situatie zat, zei iemand tegen me “Geldproblemen los je niet met geld op.” Op dat moment begreep ik niet wat ik daar mee moest, maar het bleef wel hangen. Ergens wist ik: ‘dit klopt’.

Lees verder